Aan de slagCommando's aan objecten gevenProgramma's 1Programma's 2RekenmachineVariabelen: Dingen herinnerenTekenreeksen 1Tekenreeksen 2InvoerAlsZolang: lussen en dingen herhalenToevalsgetallen en kiezenFSM: Eindigetoestandsautomaat (Een machine met een eindig aantal toestanden)
Als

Een programma laat een computer aanwijzingen opvolgen, maar de computer weet nog niet hoe hij beslissingen kan nemen.

Met de aanwijzing "als" kan een computer twee dingen vergelijken en een beslissing nemen. Een manier om dingen te vergelijken is te kijken of twee dingen hetzelfde zijn.

Je doet dit door "als" te typen en een haakje openen. Dan schrijf je het eerste ding waar de computer naar moet kijken. Vervolgens typ je twee is-gelijk tekens en dan het tweede ding waar de computer naar moet kijken. Daarna typ je een haakje sluiten, en dan een accolade openen. Je geeft de computer dan aanwijzingen die hij moet opvolgen indien de twee dingen inderdaad hetzelfde zijn. Daarna typ je een sluitende accolade.

In dit kleine programma zal de computer je vertellen dat je een paraplu mee moet nemen als het antwoord ja is. Als je iets anders typt wat niet exact hetzelfde is als "ja" dan doet de computer niets. Je kunt "nee" of "nietes" typen en de computer zal niets doen. Als je andere letters gebruikt zoals "jA" is dat niet precies hetzelfde als "ja" en zal de computer ook niets doen!

Een uitroepteken gevolgd door een is-gelijk teken betekent "niet gelijk". In het bovenstaande programma wordt eerst gecontroleerd of je "ja" hebt getypt. Wanneer dat zo is, zegt het je om een paraplu mee te nemen. Daarna controleert het of je iets anders dan "ja" hebt getypt. Wanneer dat zo is, zegt het je dat je zonnebrandcrème moet gebruiken.

In plaats van twee verschillende als-aanwijzingen kun je de anders-aanwijzing gebruiken. Het bovenstaande programma doet niets wanneer a de waarde “ja” heeft. Wanneer a niet “ja” is, dan voert het de aanwijzingen uit die na het anders komen. Merk ook op dat je meer dan één aanwijzing binnen de accolades kunt hebben. En je kunt dingen op verschillende regels plaatsen zodat je het makkelijker kunt lezen.

Dit is nuttig omdat je soms veel aanwijzingen hebt. Als je hier "zonnig", "regenachtig", of "sneeuw" intypt zal de computer vertellen wat je moet dragen. Als je iets anders intypt, zal de computer naar het einde van het programma gaan en zeggen dat hij niet begrijpt wat je hebt ingetypt.

Links moet je een programma schrijven voor een machine die verf mengt. Hij gebruikt rode, blauwe en gele verf om andere kleuren te maken.

Het commando machine.opdracht() vraagt welke kleur verf je wilt maken. Het geeft je dan een tekenreeks met de naam van de verf. Je moet de machine dan de juiste verf laten maken. Eerst moet je machine.lopendeband() gebruiken om het verfblik onder de sproeiers te plaatsen op de lopende band. Rood.sproei(), blauw.sproei(), en geel.sproei() spuiten verf in het blik om de juiste kleur verf te maken. Dan zal machine.lopendeband() de verf verder bewegen, en de verf wordt gecontroleerd om te zien of het de juiste kleur heeft. Kun je een programma schrijven dat alle verschillende kleuren verf maakt?

|

Programming Basics

Programming Basics: Beginners

e-mail | over | privacybeleid